U bent hier

van Tuyll kasteel Heeze

Kasteel Heeze: uniek interieurensemble gered

Kasteel Heeze is sinds de 18e eeuw in het bezit van de familie van Tuyll van Serooskerken. Het Kasteel heeft een bijzonder goed behouden interieur, met onder andere het oudste bad van Nederland. Sammy van Tuyll van Serooskerken zet zich in voor het behoud van het kasteel, daarbij geholpen door deskundigen en vele vrijwilligers

Kasteel Heeze werd gebouwd in 1665 door de bekende bouwmeester Pieter Post, die ook Huis ten Bosch heeft ontworpen. Het bouwwerk diende eigenlijk als vervanging van het vervallen middeleeuwse kasteel Eymerick. Door geldgebrek is maar een deel van het ontwerp uitgevoerd: de voorburcht werd afgebouwd en later van een verdieping voorzien. Dat is nu het hoofdgebouw van Kasteel Heeze. Achter dit kasteel staat het middeleeuwse slot Eymerick, ook met een eigen binnenplaats. ‘Het enige kasteel in Nederland met twee binnenplaatsen,’ vertelt Sammy van Tuyll.

Als je cultureel erfgoed in je bezit hebt, moet je daar ook anderen deelgenoot van maken.

Erfgoed in bezit

Sammy van Tuyll heeft zitting in het bestuur van de stichting die nu zorgt voor het beheer van Kasteel Heeze. ‘Ik ben van ons gezin degene die hier het meeste tijd in steekt, omdat ik het de moeite waard vind. Ik woon in Haarlem, maar de familie is hier geregeld. Mijn vader kreeg het kasteel in 1962 in bezit, hij heeft hier tot zijn overlijden vorige zomer gewoond. Omdat hij in verschillende plaatsen burgemeester is geweest, heb ik niet mijn hele jeugd hier doorgebracht. Mijn vader besloot destijds meteen om het kasteel open te stellen voor het publiek. Hij vond: als je dergelijk cultureel erfgoed in bezit hebt, dan moet je daar ook anderen deelgenoot van maken.’

Onze belangrijkste taken: zorgen voor voldoende inkomen en instandhouding van het kasteel.

Een stichting

‘Het kasteel bestaat uit het hoofdgebouw en twee zijvleugels. Wij woonden vroeger in één van de zijvleugels, het hoofdgebouw is museaal ingericht, alleen in dat deel vinden rondleidingen plaats. We hebben het kasteel ondergebracht in een stichting, die verantwoordelijk is voor het beheer. In het begin deed mijn vader heel veel, nu ben ik bestuurslid van de stichting en neem ik dus taken op me. Er zijn twee belangrijke uitdagingen voor ons: zorgen voor voldoende inkomsten en voor de instandhouding van het kasteel. Die inkomsten genereren we onder andere door een cateraar Slot Eymerick te laten exploiteren. Hier vinden met grote regelmaat evenementen plaats: trouwpartijen, maar ook zakelijke evenementen. Slot Eymerick staat eigenlijk volledig los van het museale deel in het hoofdgebouw. Doordat we de zaken goed kunnen scheiden, maken we het monument minder kwetsbaar.’

De interieurwacht heeft ons interieur gered.

Vijf aspecten

‘Voor alle monumenten geldt dat je aan vijf aspecten aandacht moet besteden: de stenen, het interieur, de omgeving, het gebruik en het historisch bewustzijn ofwel: het verhaal achter het monument. Wat dat laatste betreft: wij hebben een archief dat teruggaat tot in de vroege 16e eeuw. Onze vrijwilligers doen daar onderzoek en schrijven er artikelen over. Zij komen, ook op basis van onderzoek in andere archieven, met enige regelmaat tot nieuwe inzichten, die het historisch bewustzijn vergroten. Uiteindelijk is dat net zo belangrijk als het dichten van een lekkende dakgoot, maar die pak je natuurlijk altijd wel het eerste aan. Harrie Schuit, de eerste interieurwachter bij de Monumentenwacht in Noord-Brabant, heeft ons interieur gered. In 2008 heeft hij een inventarisatie gedaan en ons geattendeerd op een aantal bedreigingen waar we ons niet van bewust waren, zoals de aanwezigheid van tapijtkevers. Natuurlijk hadden we hier interieurverzorgsters, dat moet wel als je zoveel bezoekers krijgt. Maar de tapijtkevers hadden een bijzondere aanpak nodig. Bovendien hebben de interieurverzorgsters instructie gekregen hoe om te gaan met een authentiek interieur. Voor die tijd werden bijvoorbeeld moderne poetsmiddelen gebruikt en die zijn vaak te agressief.’

Tien dames werken aan het herstel van het textiel.

‘Er zijn veel vrijwilligers actief op het landgoed. In de jaren zestig nam de rentmeester de rondleidingen voor zijn rekening, maar daarna werden die overgenomen door vrijwilligers. En zo zijn er ook vrijwilligers die zorgen voor het beheer van het archief, voor het onderhoud van de tuin en voor het restaureren van het textiel. Voor dat onderdeel komen hier iedere week tien dames om te werken aan het herstel van bijvoorbeeld de achttiende-eeuwse gordijnen. Dat gebeurt onder deskundige leiding. Eens per maand komt hier Josien Verdegaal, zij geeft aanwijzingen, zodat de ‘engelen’ weer verder kunnen.’

Wij willen over alles wat wij hier doen een deskundig advies hebben.

Blauwe Kamer

‘Uiteindelijk is zo’n monument nooit op orde, wij kunnen nooit achteroverleunen. Het dak van het hoofdgebouw is net gedaan. De komende jaren gaan we de gracht uitbaggeren en de beschoeiing herstellen. En eigenlijk moeten we ook aan de slag met de tuinmanswoning en een voormalige boerderij. Verschillende instanties helpen ons bij de prioriteitsstelling: waar is conserveren voldoende en waar is restaureren noodzakelijk? Daarvoor krijgen we advies van onder meer Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed en van de Monumentenwacht, zowel op bouwkundig gebied als voor het interieur. Wij willen over alles wat we hier doen een deskundig advies hebben. Met een subsidie van de Bankgiroloterij gaan we nu de Blauwe Kamer restaureren. Kasteel Heeze is door de Rijksdienst bestempeld tot een beschermd interieurensemble. Een van de belangrijke vertrekken is de Blauwe Kamer, die nog geheel authentiek achttiende-eeuws is ingericht, inclusief behang en stoffering. Het behang en het tapijt gaan we nu restaureren. Ook gaan we de negentiende-eeuwse piano uit de muziekkamer restaureren.’

Kleine maatregelen kunnen al helpen om het interieur te behouden.

Monumentenwachter interieur

De Monumentenwacht Noord-Brabant heeft sinds 2008 interieurwachters in dienst. Aafke Cooijmans is zo’n ‘monumentenwachter interieur’ en nauw betrokken bij Kasteel Heeze. 
‘Het interieur van Kasteel Heeze is op zichzelf al uniek. Maar het feit dat de familie er zoveel liefde voor heeft en er ook nog gewoon gebruik van maakt, zorgt ervoor dat het kasteel leeft. Dat zien we weinig. Natuurlijk wordt er altijd over gediscussieerd: moet je om iets te behouden, niet juist kiezen voor een museale opzet? Maar ik vind dat interieurs ook functioneel moeten zijn. De uitdaging is om de balans te vinden. Dat lukt bij Kasteel Heeze heel goed.’
‘Het interieur is bij veel monumenten een ondergeschoven kindje. Er gaat veel tijd en aandacht uit naar de buitenkant. Dat is deels uit onwetendheid, maar het heeft natuurlijk ook met geld te maken. Voor de buitenkant is vaak een onderhoudssubsidie beschikbaar, dat is voor het interieur niet het geval.’
Abonnees van de Monumentenwacht Noord-Brabant kunnen een interieurinspectie laten uitvoeren. Aafke: ‘We doen dan een nulmeting en geven praktische adviezen. Daarbij gaan we niet meteen uit van grootscheepse restauratie, maar vooral van kleine maatregelen die kunnen helpen om het interieur te behouden. Het is de bedoeling dat we om de vijf jaar een vervolginspectie doen.’

 

Interieurwacht

Abonnees van de Monumentenwachten in andere provincies kunnen via hun eigen Monumentenwacht laten weten dat ze ook graag advies willen over hun interieur. Afhankelijk van de vraag kunnen de interieurdeskundigen van de Monumentenwacht Noord-Brabant (of Limburg) ondersteuning bieden.

Monumentenwacht Noord-Brabant biedt eigenaren van monumenten een helpende hand: met (periodiek) inspecteren en rapporteren én met klein (nood)herstel. De Monumentenwacht Noord-Brabant is lid van de Vereniging van Provinciale Monumentenwachten Nederland.

Foto De heer van Tuyll: Netwerk Brabant