U bent hier

Abdij van Koningshoeven

Ervaringen van een aannemer in het restauratievak

Het gebouw opknappen zonder dat je kunt aanwijzen wat er is gebeurd. Dát is restaureren

‘Een restauratie is geslaagd als je de ingrepen niet opmerkt.’ Aan het woord is Kees Bakkeren, uitvoerder bij aannemingsbedrijf Nico de Bont, gespecialiseerd in herbestemmen en restaureren. Hij vertelt over zijn ervaringen in het restauratievak.

‘Het grote verschil tussen restauratiewerk en regulier aannemerswerk is de sfeer van de bebouwing. Een kerk heeft een totaal andere uitstraling dan een doorsnee woonhuis. Bovendien zijn oude kerken, kastelen, boerderijen en molens unieke exemplaren. Dan ga je dus heel anders te werk dan wanneer je twintig dezelfde rijtjeshuizen aanpakt, waarvoor je bij wijze van spreken al een draaiboek hebt klaarliggen. Restauratie is maatwerk. Het monument is leidend.’

Slapeloze nachten

‘De restauratie van Jachthuis Sint Hubertus, gelegen op Nationaal Park De Hoge Veluwe, was zo’n uniek project. Dat monument is een kunstwerk. Toen ik er voor de eerste keer binnen stapte, dacht ik ‘oh my, oh my, als dat maar goed gaat’. Het interieur was namelijk helemaal perfect; het had prachtige details en was goed afgewerkt. Waarom moest het worden gerestaureerd? De voornaamste aanleiding was de verouderde en brandgevaarlijke elektrische installatie. Om het goed aan te kunnen pakken moesten alle vloeren opengemaakt worden, wat inhield dat werkzaamheden goed gedocumenteerd moesten worden, zodat alles na demontage weer op de juiste plek gemonteerd kon worden. Ook waren er vloeren die grotendeels los lagen, zoals de graniver vloer (glasmozaïek) in de woonkamer. Alle steentjes van vier bij vier centimeter moesten genummerd en overgetrokken worden op transparant papier, zodat ze op exact dezelfde plek konden worden teruggeplaatst, want het meubilair sloot naadloos aan op het patroon van de vloer. Daar heb ik wel een aantal slapeloze nachten van gehad. Achteraf blijkt dat dan toch weer onnodig, want het resultaat mag er zijn. Of beter gezegd, je ziet niet dat wij er zijn geweest. En dat is nou precies mijn doel: het gebouw opknappen zonder dat je kunt aanwijzen wat er is gebeurd. Dát is restaureren.’

Geduld

‘Deze werkwijze vergt geduld. Het kan zomaar een halfjaar duren voordat je de juiste materialen hebt, die niet van de oorspronkelijke zijn te onderscheiden. Voor diverse vloeren van het Jachthuis bijvoorbeeld, konden we niet direct de juiste tegeltjes vinden. Via een omweg hebben we uiteindelijk bedrijven gevonden in het oosten van Duitsland en in Frankrijk die dergelijke tegels hebben nagemaakt. Het komt niet in mij op om vanwege tijdsdruk genoegen te nemen met een minder geschikte tegel. Een topmonument verdient het beste. Welke materialen we gebruiken, beslissen we vaak pas definitief wanneer we al op de steiger staan. Natuurlijk heeft de architect tijdens het maken van het bestek een plan van aanpak gemaakt qua materiaalkeuze en heeft hij met een kraan het hele gebouw van beneden tot boven opgenomen. Echter, hij heeft dan niet de tijd om alles tot in detail te onderzoeken. Samen met de opdrachtgever, architect en de andere specialisten uit het team kiezen we daarom soms nog op de steiger voor een andere aanpak of ander materiaal.’

Koffie

‘In veel gevallen bepaalt de aannemer de teamsamenstelling. Hoe ik het voor elkaar krijg daar telkens weer een goed team van te maken? Met een kop koffie. We bespreken waar we op moeten letten, zodat we allemaal hetzelfde doel met dezelfde kwaliteit voor ogen hebben. Dat gaat prima, mede doordat je in de restauratiebranche veel bedrijven hebt die kwaliteit willen leveren. Het zijn mensen met bezieling en hart voor hun vak.
De uitvoeringsplanning komt voor mijn rekening. Op basis van de over all planning maak ik voor iedere acht weken een gedetailleerde deelplanning. Voor hectische periodes maak ik zelfs week- of dagplanningen. Echter, hoe goed je planning ook is, bij een onverwachte gebeurtenis staat je dag toch weer op zijn kop en moet je direct improviseren. Die onverwachte gebeurtenissen variëren: soms ontdek je dat de kap van het gebouw rot is, vind je een muurschilderingen achter kalkwerk op het stucwerk of graaf je een grafkist op tijdens werkzaamheden aan de fundering van een kerk. In de Grote Kerk in Breda kwamen we een grafkelder van de Oranje Nassaus tegen. Onder toezicht is deze geopend en zijn de kisten naar Leiden vervoerd voor onderzoek. Daarna zijn ze weer in de grafkelder teruggeplaatst.
 De Flora- en Faunawet is ook een bepalende factor voor de planning. Een voorbeeldje: de zwaluw moet van half april tot half augustus de mogelijkheid hebben om ongestoord uit te vliegen. Als op de betreffende locatie zwaluwen leven, kun je er in die periode dus geen steiger plaatsen. In samenspraak met de ecoloog wachten wij rustig af tot we weer verder kunnen. De meeste opdrachtgevers hebben begrip voor eventuele vertraging. Zij weten immers dat er in Nederland wetten gelden.’

Politiek

‘De toekomst van mijn vak zie ik positief in. Voor restauratie wordt momenteel weliswaar minder subsidie verstrekt dan voorheen, maar dat heeft alles te maken met de economische omstandigheden. Bovendien is herbestemming van monumenten juist in opmars. Ons werk verdwijnt dus niet; het verschuift hooguit. Daarnaast is het allemaal grotendeels afhankelijk van de politiek. Komt er een regering van partijen die veel waarde hechten aan cultuurhistorisch erfgoed, dan kan er zomaar ineens meer geld beschikbaar komen voor klassieke restauraties.’