Ruurlo, Ruurlo

Omschrijving onderdeel 2:

HISTORISCHE TUIN- EN PARKAANLEG Het omgrachte Huis Ruurlo vormt het centrum van een uitgestrekte parkaanleg met binnen- en buitenpark, dat deels uit bos en deels uit agrarische gronden met boerderijen bestaat. Het deels in formele (oprijlaan), maar met name in landschapsstijl aangelegde park wordt doorsneden door de Baakse beek. Deze beek voedt van oudsher de grachten, die in de 19de eeuw grotendeels tot landschappelijke vijverpartijen vergraven werden. De ontmantelde watermolen ten zuidwesten van het huis herinnert nog aan de economische bedrijvigheid, die met de beek verbonden was. Het door de buitengracht begrensde terrein van het rondom het huis gelegen binnenpark is in de 19de eeuw ingericht als een landschappelijk park, waarbij de gracht rond het huis werd vergraven tot een beeldbepalende landschappelijke vijverpartij en de vrijgekomen grond werd benut voor het aanbrengen van glooiende verhogingen in het terrein. Het park kreeg in verschillende fasen vorm naar ontwerpen van de tuinarchitecten J.P. Posth (1801), J.D. Zocher jr. en L.P. Zocher (1868) en C.E.A. Petzold (1880). De eerste aanzet tot verlandschappelijking kwam van Posth. De Zochers en Petzold hebben zich vooral met het terrein voor het huis bezig gehouden. Huis en waterpartijen met parkweide rondom vormen het centrum van de compositie. Het omringende landschap van het buitenpark werd vanaf de eerste helft van de 19de eeuw bewust bij de aanleg betrokken. Direct ten noorden van de in de 18de eeuw gedeeltelijk en in de 19de eeuw tot de huidige lengte aangelegde, recht op de ingangsgevel van het huis geprojecteerde oprijlaan (deels dubbel eik) werd in de eerste helft van de 19de eeuw in het buitenpark een uitgestrekte wandeling met slingerbossen en doorzichten op met golvend vormgegeven bosranden omgeven weilanden aangelegd. De Topografische en Militaire kaart uit 1846 geeft aan dat een bomenrij tussen binnen- en buitenpark het doorzicht vanuit het binnenpark op dit buitenpark en vice versa toentertijd belemmerde. Waarschijnlijk werd onder leiding van Petzold de visuele relatie van het binnen- en buitenpark aan deze zijde versterkt, door het verwijderen van de bomenrij en door de aanplant van solitairen en boomgroepen op het weiland ten noordwesten van het huis. Laatstgenoemde aanplant zorgde voor een krachtige perspectiefwerking van de doorzichten, zoals te zien is op de luchtfoto van Ruurlo uit 1925 en 1937, en zoals tegenwoordig, zij het in verschraalde vorm, ook kan worden waargenomen Op deze foto's alsmede op de Bonnekaart uit 1918 is ook het doorzicht in zuidelijke richting vanuit het huis en binnenpark over het weiland naar boerderij Pasman zichtbaar, dat op dezelfde manier van een krachtige perspectiefwerking was voorzien. Dit doorzicht was in 1878-1886 (Bonnekaart) nog niet aanwezig en is thans door een recent geplante bomenlaan ter hoogte van de aftakking van de Baakse Beek verstoord geraakt. Laatstgenoemde aftakking even ten zuiden van de aanzet van de oprijlaan (zijde huis) was in 1918 nog niet aanwezig, maar wel in 1935 (Bonnekaarten). De aftakking voert langs de westzijde van de moestuin en het ten zuiden hiervan gelegen rabattenbos (eerste helft van de 19de eeuw) en vormt hier de grens van de beschermde parkaanleg. Tenminste tot 1937 (luchtfoto) stond er in de noordelijke arm van het park een oranjerie (1865) met ten zuiden daarvan een formeel perk met spiegelboogvormige beëindiging (luchtfoto's 1925 en 1937). De oranjerie is in de loop van de 20ste eeuw verdwenen. In verband met de herbestemming tot gemeentehuis zijn er in dit deel van het park, dat oorspronkelijk als een soort schiereiland werd omsloten door grachten, twee parkeerplaatsen aangelegd, die bereikbaar zijn via een nieuw geslagen brug in het uiterste noorden van de aanleg. Een tweede nieuwe brug verbindt de parkeerplaatsen met het zuidwestelijker gelegen voorplein. De oorspronkelijke beslotenheid van dit deel van het park is door de aanleg van parkeerplaatsen en de daarmee samenhangende ingrijpende wijziging van de infrastructuur verloren gegaan. Het omgrachte voorplein was voor de restauratie van 1982-1983 onlosmakelijk met de landschappelijke aanleg verbonden. Zowel het plein, dat als een eiland in de vergraven gracht ligt, als de oprit waren in golvende lijnen vormgegeven. De oprit sloot aan de westzijde van het voorplein via een curve aan op de kaarsrechte monumentale oprijlaan, de Vordenseweg . De toegangsbrug tussen de Vordenseweg en de westzijde van het voorplein is na de restauratie buiten gebruik gesteld en is thans niet meer aanwezig Sindsdien wordt gebruik gemaakt van de nieuwe brug aan de oostzijde, die de verbinding vormt met de parkeerplaatsen in het noordelijk deel van het park. Via deze brug komt men niet voor, maar naast het huis uit. Door de neoformele inrichting van het voorplein, de gewijzigde toegangsroute en de klinkerbestrating is de samenhang tussen plein en park verbroken. In samenhang met de bovenbeschreven herinrichting werd de representatieve hoofdingang aan de westzijde buiten gebruik gesteld en werd de deur naar het binnenplaatsje aan de achterzijde (oost) als voornaamste ingang in gebruik genomen. Om het plaatsje bereikbaar te maken werd in de as van het huis een nieuwe brug geslagen, naar voorbeeld van een tekening van Cornelis Pronk uit 1732. Ten zuiden van het hoofdgebouw ligt een voormalige omgrachte moestuin met boomgaard, welke tot in de 20ste eeuw in gebruik is geweest (Top. kaarten). De tuin is anno 2001 sterk verwilderd, maar nog herkenbaar aan het slotenstelsel, restanten van een oude haag en enkele fruitbomen. In het noordelijke deel van de voormalige nutstuinen staat een schuur/stal uit de tweede helft van de 19de eeuw. In het westelijk deel van de aanleg ligt de grootste heggendoolhof ter wereld. De doolhof werd in 1885 aangelegd in opdracht van Sophia Wilhelmina van Heeckeren van Kell en bestaat uit met gras begroeide wallen langs brede paden waarop groene beukenhagen zijn aangeplant. Centraal in de aanleg staat een uitkijktoren. Omstreeks de tijd van de aanleg van het doolhof kregen de tussen de doolhof en de oprijlaan gelegen twee weilanden hun huidige met hout omlijstte vorm en aanplant met enkele solitairen (eik).

Rond 1900 was de parkaanleg nog veel groter dan het thans al relatief grote park. Versnippering in eigendom, aanleg van wegen en bouw van woningen hebben de samenhang en herkenbaarheid van deze oorspronkelijke aanleg verstoort. De bescherming richt zich op de kern van het oorspronkelijke park, waar de samenhang nog herkenbaar en beleefbaar is. Onder de bescherming valt de gehele oprijlaan (Vordenseweg), de hierboven omschreven aanleg ten noorden en zuiden van de oprijlaan inclusief de aanleg van het doolhof, het binnenpark, de moestuin en het rabattenbos en het doorzicht vanuit het binnenpark over het weiland in zuidelijke richting naar de boerderij Pasman. Alle wijzigingen die het park na 1984, toen de laatste particuliere eigenaar de buitenplaats aan de gemeente Ruurlo verkocht, heeft ondergaan, vallen buiten de bescherming.

Waardering De HISTORISCHE TUIN- EN PARKAANLEG behorende tot de historische buitenplaats Ruurlo is van algemeen cultuurhistorisch en tuinhistorisch belang:

- Wegens het dubbele grachtenstelsel, dat een kenmerkend onderdeel is van de oorspronkelijke aanleg en dat in de eerste helft van de 19de eeuw ten dele verlandschappelijkt werd tot een beeldbepalende waterpartij;

- Wegens de bewust als lange formele toegangs- annex zichtlaan loodrecht op het kasteel geprojecteerde Vordenseweg;

- Wegens de nog herkenbare moestuin met hagen, sloten en fruitbomen en een bijbehorende 19de eeuwse schuur/stal;

- Wegens de bewuste integratie van bossen, landbouwgronden en weilanden in de landschappelijke aanleg en de onderlinge verbinding van park en omgeving door middel van zichtassen en gezichten;

- Wegens de medewerking gedurende de 19de eeuw van J. P. Posth, J.D. Zochter jr., L.P. Zocher en C.E.A. Petzold aan de tuin- en parkaanleg;

- Wegens de gaaf bewaarde doolhof als zeldzaam voorbeeld van een 19de-eeuwse doolhof en als grootste bewaard gebleven doolhof ter wereld (voor zover bekend);

- Wegens de functioneel-ruimtelijke samenhang met de andere onderdelen van de buitenplaats

- Wegens de beeldbepalende, landschappelijke en cultuurhistorische waarde van het landgoed voor de omgeving van Ruurlo.

Locatie

Rijksmonument nummer
529503
Complexnaam
Ruurlo
Provincie
Gemeente
Plaats
Complexomschrijving

HISTORISCHE BUITENPLAATS RUURLO

Aanvulling op de omschrijving In structuur en deels in detail gaaf bewaarde buitenplaats met HOOFDGEBOUW HUIS RUURLO(1), HISTORISCHE TUIN- EN PARKAANLEG uitbreiding (2), KOETSHUIS (3), TOEGANGSBRUG (4), ZONNEWIJZER OP SOKKEL (5), WATERMOLENCOMPLEX, BESTAANDE UIT EEN OLIEMOLEN (zuidzijde) EEN KORENMOLEN (noordzijde) en een STUW (6a, 6b en 6c), DOOLHOF (7), voormalige KOETSIERSWONING (8), HOUTLOODS (9), KOESTAL (10), voormalige CHAUFFEURSWONING (11), INLAAT (12) en HISTORISCHE STUW (13). De historische buitenplaats Huis Ruurlo ligt ten zuiden van het gelijknamige Gelderse dorp. Voor zover bekend gaat de geschiedenis van de buitenplaats tenminste terug tot 1326. Aanvankelijk was het goed in handen van het geslacht Van Roderlo. De familie Van Heeckeren nam het in 1404 over en zou het tot in de 20ste eeuw in eigendom houden, met een onderbreking van 1686 tot 1727 toen de familie Schimmelpenninck van der Oye eigenaar was. In 1978 verkochten zij het kasteel met het omringende park aan de gemeente Ruurlo, die er in 1984 het gemeentehuis in onderbracht. In verband met deze nieuwe bestemming werd het kasteel in de jaren 1982-1983 gerestaureerd onder leiding van het bureau Heineman-Vos-Ten Broeke B.V. uit Velp. Daarbij werd de noordelijke vleugel een verdieping hoger opgetrokken en werd er een lift geïnstalleerd. De historische interieurafwerkingen zijn integraal gehandhaafd en gerestaureerd. Het koetshuis werd eveneens gerestaureerd en opnieuw ingericht om tot gemeentewinkel te kunnen dienen. Daarbij is de oorspronkelijke afwerking verloren gegaan. Het omgrachte huis ligt centraal in een landschappelijk binnenpark dat in de 19de eeuw in verschillende fasen vorm heeft gekregen naar ontwerpen van de tuinarchitecten J.P. Posth (1801), J.D. Zocher jr. en L.P. Zocher (1868) en C.E.A. Petzold (1880). Het huis vormt met de omringende, tot landschappelijke waterpartij vergraven gracht het centrum van de compositie. De schoonheid van het omringende landschap is richtinggevend geweest voor de aanleg en erbij betrokken door het planten van strategische boomgroepen en het projecteren van zichtassen. De door Posth en de Zochers geschapen landschappelijke aanleg is zichtbaar op de Topografische Militaire kaart uit 1846. De in curven verlopende waterpartij die het binnenpark in de lengte doorsnijdt was in die tijd al aangelegd. Ook was direct ten noorden van de oprijlaan uit de 18de eeuw in het buitenpark een uitgestrekte wandeling met slingerbossen met doorzichten op in curven met hout omzoomde weilanden, zoals ook nu kan worden aangetroffen. Het doorzicht vanuit het binnenpark in westelijke richting over het weiland van het buitenpark, was toen wellicht al aanwezig, maar in ieder geval in 1918 (Bonnekaart). Ook was rond 1900 het doorzicht vanuit het huis en het binnenpark over de weilanden naar boerderij Pasman aangelegd. Deze visuele relatie tussen binnen- en buitenpark is thans nog aanwezig, zij het enigszins verschraald. De luchtfoto's van Ruurlo uit 1925 en 1937 geven een goede indruk van de oorspronkelijke kwaliteit van deze relatie. Op de weilanden stonden solitairen en boomgroepen die de doorzichten een grote perspectivische waarde meegaven. Tenminste tot 1937 stond er in de noordelijke arm van het park een oranjerie (1865) met ten zuiden daarvan een formeel perk met spiegelboogvormige beëindiging (luchtfoto's 1925 en 1937). De oranjerie is in de loop van de 20ste eeuw afgebroken. In verband met de herbestemming tot gemeentehuis zijn er in dit deel van het park twee parkeerplaatsen aangelegd, die bereikbaar zijn via een nieuw geslagen brug in het uiterste noorden van de aanleg. In de parkweide ten noorden van het kasteel werd een nieuwe oranjerie opgetrokken. Een tweede nieuwe brug verbindt de parkeerplaatsen met het zuidwestelijker gelegen, door water omsloten voorplein. De oorspronkelijke beslotenheid van dit deel van het park is door de aanleg van parkeerplaatsen en de daarmee samenhangende ingrijpende wijziging van de infrastructuur verloren gegaan. Andere veranderingen die in verband met de bestemming tot gemeentehuis zijn doorgevoerd, zijn het dichtplanten van enkele zichtassen, de ontmanteling van de op de as van de oprijlaan gelegen toegangsbrug, de (formele) inrichting van het voorplein en de verplaatsing van de hoofdingang naar de achterzijde. Om deze te bereiken is in de as van het huis een nieuwe brug geslagen over de landschappelijk vergraven gracht, naar voorbeeld van een tekening van Cornelis Pronk uit 1732. Ten zuiden van het hoofdgebouw ligt een voormalige omgrachte moestuin met boomgaard, welke tot in de 20ste eeuw in gebruik is geweest De tuin is anno 2001 sterk verwilderd, maar nog herkenbaar aan het slotenstelsel, restanten van een oude haag en enkele fruitbomen. In de noordelijke punt staat een zeer vervallen schuur/stal uit de tweede helft van de 19de eeuw. Ten zuiden van de moestuin ligt een oud deels door lanen omgeven rabattenbos, waarvan het profiel van rabatten met de er tussen liggende sloten zeer gaaf bewaard zijn gebleven. Dit bosgedeelte is in de eerste helft van de 19de eeuw aangelegd. In het westelijk deel van de aanleg ligt de grootste heggendoolfhof ter wereld. De doolhof werd aangelegd in opdracht van Sophia Wilhelmina van Heeckeren van Kell in 1885. Omstreeks deze tijd kregen de tussen de doolhof en de oprijlaan gelegen twee weilanden hun huidige met hout omlijste vorm en aanplant met enkele solitairen (eik). Rond 1900 was de parkaanleg nog veel groter dan het thans al relatief grote park. Versnippering in eigendom, aanleg van wegen en bouw van woningen hebben de samenhang en herkenbaarheid van deze oorspronkelijke aanleg verstoord.. Onder de bescherming valt de gehele oprijlaan (Vordenseweg), de hierboven omschreven aanleg ten noorden en zuiden van de oprijlaan inclusief de aanleg van het doolhof, het binnenpark, de moestuin en het rabattenbos, en het doorzicht vanuit het binnenpark over het weiland in zuidelijke richting naar de boerderij Pasman. Alle wijzigingen die het park na 1984, toen de laatste particuliere eigenaar kasteel en park aan de gemeente Ruurlo verkocht, heeft ondergaan, vallen buiten de bescherming. Ook de niet nader genoemde opstallen, waaronder een niet op zijn oude plaats herbouwde oranjerie, vallen buiten de bescherming.

Waardering

De HISTORISCHE BUITENPLAATS RUURLO is van algemeen cultuur-, architectuur-, en tuinhistorisch belang:

- Wegens de ouderdom;

- Wegens het gaaf bewaarde hoofdgebouw dat in verschillende fasen (16de, 17de, en 18de eeuw) tot stand kwam en als zodanig de bouw- en ontwikkelingsgeschiedenis van een in oorsprong 16de-eeuwse edelmanswoning illustreert;

- Wegens de gaaf bewaarde interieurafwerking van het hoofdgebouw, daterend uit de verschillende bouwfasen (16de t/m 18de eeuw) en uit de 19de eeuw, die representatief is voor de bouw-, ontwikkelings-, en bewoningsgeschiedenis van het huis;

- Wegens het landschappelijke park uit de 19de eeuw, dat in verschillende fasen tot stand is gekomen naar ontwerpen van de tuinarchitecten J.P. Posth (1801), J.D. Zocher jr. en L.P. Zocher (1868) en C.E.A. Petzold (1880);

- Wegens de bewuste integratie van het landschappelijke park in de landschappelijke structuur die de buitenplaats omringt en wegens de verbondenheid tussen beide door middel van zichtassen;

- Wegens het watermolencomplex;

- Wegens de doolhof;

- Wegens de samenhang van de verschillende onderdelen.

Eigenschappen

Functies
Functie Hoofdcategorie Subcategorie Functietype Is hoofdfunctie
Historische aanleg Kastelen, landhuizen en parken Tuin, park en plantsoen oorspronkelijke functie Ja
Adressen
Straat Getal Achtervoegsel Postcode Plaats Locatie Situatie Is hoofdadres
Ruurlo BY Vordenseweg 2, Ruurlo, Ruurlo Ja
Types
Hoofdcategorie Subcategorie Beschrijving Notitie
Kastelen, landhuizen en parken Tuin, park en plantsoen Landschappelijke tuin
Percelen
Kadastraal perceel Kadastrale sectie Kadastraal object Appartement Kadastrale gemeente
G 1691 Ruurlo
G 1850 Ruurlo
G 1600 Ruurlo
G 1846 Ruurlo
G 1690 Ruurlo
G 1631 Ruurlo
G 1283 Ruurlo
G 1848 Ruurlo
G 1847 Ruurlo
G 1798 Ruurlo
G 1620 Ruurlo
G 1179 Ruurlo
G 1851 Ruurlo
G 1637 Ruurlo
G 1849 Ruurlo
G 1618 Ruurlo
H 1307 Ruurlo
H 1334 Ruurlo
H 1230 Ruurlo
H 1309 Ruurlo
H 1313 Ruurlo
H 1192 Ruurlo
H 1254 Ruurlo
H 1229 Ruurlo
H 1227 Ruurlo
H 1223 Ruurlo
H 1232 Ruurlo
H 1314 Ruurlo
H 1221 Ruurlo
H 1220 Ruurlo
H 1110 Ruurlo
H 720 Ruurlo
H 954 Ruurlo
H 1231 Ruurlo
H 1222 Ruurlo
H 1226 Ruurlo
H 1300 Ruurlo
H 1304 Ruurlo
H 1325 Ruurlo
H 1061 Ruurlo
H 1033 Ruurlo
H 1228 Ruurlo
H 1324 Ruurlo
H 1335 Ruurlo
H 1225 Ruurlo
H 1235 Ruurlo
H 1306 Ruurlo
K 3168 Ruurlo
K 2680 Ruurlo
K 3045 Ruurlo
K 2679 Ruurlo
K 2678 Ruurlo
K 3154 Ruurlo
K 2996 Ruurlo
K 2993 Ruurlo
K 3170 Ruurlo
K 3155 Ruurlo
K 2491 Ruurlo
K 2989 Ruurlo
K 2997 Ruurlo
K 3047 Ruurlo
K 3153 Ruurlo
K 3046 Ruurlo
K 2947 Ruurlo
K 3169 Ruurlo
K 3044 Ruurlo
K 2994 Ruurlo
K 2995 Ruurlo
K 3048 Ruurlo
K 3171 Ruurlo
T 915 Ruurlo
T 111 Ruurlo
T 918 Ruurlo
T 107 Ruurlo
T 859 Ruurlo
T 912 Ruurlo
T 914 Ruurlo
T 917 Ruurlo
T 916 Ruurlo
W 169 Ruurlo
W 187 Ruurlo
W 170 Ruurlo
W 229 Ruurlo
Naar boven