U bent hier

Bloem Wassenaar

Engels landhuis in Wassenaar: energietransitie geslaagd!

Rob Bloem werd van alle kanten gewaarschuwd: doe het niet, dat wordt nooit een thuis! Na een intensief restauratieproces is het rijksmonument in Wassenaar exact geworden wat Rob voorzag: een geweldig sfeervol huis met thuisgevoel en een perfect binnenklimaat. Zonder gas! Maar daar was wel een enorme gedrevenheid voor nodig.  

Dank aan al die mensen die het ons ten zeerste afgeraden hebben.

De Helena-Anna Hof werd in 1928 gebouwd in opdracht van de Leidse houthandelaar Gips en ontworpen door F. Stam. Na de oorlog kwam het in gebruik als jeugdhotel en dat zou het tot eind jaren zestig blijven. Daarna was het pand jarenlang een woonhuis. Toen Rob en Laurette Bloem bij de Helena-Anna Hof gingen kijken, stond het al een tijdje leeg. Er moest wel wat aan het pand gebeuren, maar ze waren allebei op slag verliefd. Rob en Laurette hadden in Wassenaar al eerder een pand helemaal opgeknapt, dat werd een gemeentelijk monument. Hoewel de kinderen de deur uit zijn en groter gaan wonen niet logisch leek, gingen ze het project toch aan. Rob: ‘Met dank aan al die mensen die het ons ten zeerste afgeraden hebben. Door hen werd ik des te gemotiveerder om het tóch te doen. Ik ben in mijn leven betrokken geweest bij vrij veel bouwprojecten, maar ik wist van tevoren dat dit een van mijn moeilijkste projecten zou gaan worden.’

Zo hadden we ook richting de welstandscommissie een goed onderbouwd verhaal.

Cultuurhistorische verkenning

Rob en Laurette lieten vooraf een cultuurhistorische verkenning maken door Erik Mattie (van M&DM advies). Rob vertelt: ‘Zo hadden we ook richting de welstandscommissie een goed onderbouwd verhaal, met name voor wat betreft het aanbrengen van extra ramen, om meer licht te realiseren.’ Voor de financiering klopten ze aan bij het Nationaal Restauratiefonds. ‘Ik ben bij alle grote banken geweest, maar ze gaven allemaal niet thuis. En eerlijk is eerlijk, ook Bernard Brons van het Restauratiefonds zei bij het eerste gesprek: ‘Meneer Bloem, wat bent u allemaal van plan!’ Maar Brons en daarmee het Restauratiefonds hebben ons uiteindelijk enorm goed geholpen. Het grote verschil met de reguliere banken is dat het Restauratiefonds weet hoe de monumentenwereld in elkaar steekt. Ze kunnen beter beoordelen hoe waardevol een object is.’

Doel was dat we van het gas af zouden gaan.

Gigantisch energieverbruik

Van meet af aan was voor Rob duidelijk dat ze iets moesten doen aan het energiegebruik. ‘De vorige bewoners verbruikten zo’n 20.000 kuub gas per jaar! We hebben een energie-transitieberekening laten maken voor de situatie van voor en ná het isoleren. Op basis daarvan hebben we keuzes gemaakt gericht op energiereductie. Met keuzes voor apparatuur die de enorme ruimtes ook aan zou kunnen. Doel was dat we van het gas af zouden gaan. Meteen was al duidelijk dat wij geen bodem warmtepomp konden installeren, omdat wij in een waterwingebied zitten. En vanwege het enorme woonoppervlak zou een luchtwarmtepomp die op lage temperaturen werkt, ook niet haalbaar zijn. Uiteindelijk hebben we gekozen voor twee in cascade geschakelde cv-ketels van Ökofen, een Oostenrijks merk. ‘We kunnen hiermee een heel kasteel warm stoken. Deze ketels branden op biomassa ofwel houtpellets. Dat is CO2 neutraal en het scheelt ook nog eens flink in de kosten, want het is een stuk goedkoper dan gas.  In de zomer werkt er slechts één, eigenlijk alleen voor het warme water. Maar als het in de winter een aantal weken achtereen min 15 zou zijn, dan kunnen ze tegelijkertijd branden.’

Het hele huis ademt.

Isoleren

Het gasverbruik kon alleen al door de isolatie terug naar de helft van het oorspronkelijke gebruik. ‘De eerste maatregel die we daarom namen was de meeste vloeren en tussenvloeren, muren en het dak te isoleren met Easycell. Dat is een cellulose-product op basis van oud papier en zouten in losse vlokken.  Het isoleert goed en het heeft daarbij ook nog eens brandwerende eigenschappen. Het is zeer geschikt om bij monumenten in holle ruimtes te blazen. Onder het rieten dak hebben we de schoren opgedikt en achter een dampopen folie, 19 centimeter cellulose ingeblazen. Het huis voelde eerst heel vochtig en klam aan. Overal zat schimmel aan de muren. Door deze isolatie hebben we nu een heel prettig binnenklimaat, dat kan je niet uitleggen, dat moet je voelen. Bovendien zijn alle wanden aan de binnenzijde gecoat met zogenaamde keimverf. Dat is een minerale verf die voor 98% ‘dampopen’ is. Zo zorg je ervoor dat het hele huis ademt! Wij kregen voor de restauratie adviezen van Maarten Innemee en Pascal Tetteroo van Studio Schaeffer in Den Haag waarmee we een zeer goede klik hadden.’

Alle kozijnen waren gemaakt van eikenhout.

Eikenhout van landgoed Twickel

Het huis had al de beschikking over een respectabel aantal ramen, maar het was toch nog vrij donker binnen. ‘Wij wilden meer licht door extra ramen op de benedenverdieping. Dat was een project op zich. Niet alleen om het aantal uit te breiden, maar ook om ze voor het monument op verantwoorde wijze voldoende te isoleren.’ Aan de kozijnen is goed te zien dat de opdrachtgever voor de bouw van het huis een houthandelaar was. Alle kozijnen waren gemaakt van eikenhout. ‘Wij hebben ook voor de nieuwe kozijnen en ramen eikenhout gebruikt, afkomstig van landgoed Twickel. Daar hebben ze als sinds 1771 een houtzagerij. En nog steeds wordt daar op duurzame wijze hout verbouwd.’

Het lijkt exact op origineel glas in lood.

Glas in lood look met vrijwel HR++ isolatiewaarde

Het plaatsen van isolerende beglazing werd bij de overwegend glas in lood ramen ook een project op zich. ‘Ik had er vijfentwintig jaar terug de nodige ervaring mee opgebouwd bij ons vorige huis, landhuis Hilgestede. Voor de Helena-Anna Hof bepaalde ik dat de buitenruit uit getrokken monumentaal glas moest bestaan. Op de binnenzijde én op de buitenzijde daarvan zijn zelfklevende loodstrips aangebracht die op de kruisingen werden gesoldeerd. Doordat de loodstrips direct tegenover elkaar zitten, lijkt het exact op origineel glas in lood. Voor de binnenruit is glas met een warmte reflecterende coating gebruikt. Daarmee verhoog je de isolatiewaarde ten opzichte van standaard enkel glas met ongeveer 24%. In de luchtspouw tussen de glasbladen is kryptongas gegaan. We zitten nu met een isolatiewaarde die vlak boven de nieuwbouw norm van HR++ glas ligt. Voordat de glasbladen zijn samengevoegd werden de loodstrippen aan de binnenkant gepatineerd. Zodat je van binnenuit tegen donker loodgrijze strippen aankijkt in plaats van de gebruikelijke aluminium kleur. De aluminium afstandhouders tussen het glas zijn zwart. Rondom het huis zien alle ruiten er hiermee origineel uit.’

Elastische stopverf

Alle oude ramen zijn eruit geweest. Ze zijn op diepte gefreesd om het isolatieglas erin te kunnen plaatsen en zijn vervolgens weer teruggeplaatst. Daarvoor werd een elastische stopverf gebruikt. ‘Het heet Renoseal en is afkomstig uit ons eigen bedrijf. Het zorgt voor een uitstekende afdichting en is standaard leverbaar in zeven basiskleuren die ook in de monumentenwereld veel worden toegepast. Maar je kunt het eventueel ook overschilderen. Het wordt al jarenlang voor allerlei restauratieprojecten gebruikt, zoals onlangs ook bij de Wolkenkrabber in Amsterdam. Daar hadden ze de kleuren okergeel en zilver nodig en die maken wij dan. Door het gebruik van de juiste kleur kan je de gewenste retro-look creëren.’ 

Ons restauratieproject heeft uiteindelijk maar een jaar geduurd.

Tien thermostaten

In de vloeren tussen de verdiepingen werd ook cellulose isolatie aangebracht. Rob: ‘Zo hebben we in het huis verschillende schillen gecreëerd, waarbinnen we stoken. Als de kinderen niet thuis zijn, stoken we in een deel van het huis helemaal niet. En in de ruimtes die we wel stoken, blijft de warmte goed hangen. Door het hele huis hebben we tien thermostaten, waardoor we de temperatuur per ruimte uitstekend kunnen inregelen. Wij stoken nooit te veel. En natuurlijk hebben we overal ledverlichting. Ik heb zelf veel tijd aan ons project besteed: aan bouwbegeleiding, maar ook aan onderzoek. Uiteindelijk heeft ons restauratieproject maar een jaar geduurd.’

Zie ook