Bildtsestraat 18
Inleiding
Alles over monumenten onder één dak.
Een monument kopen, onderhouden of verduurzamen? Hier vindt u alle informatie, inspiratie en praktische tips.
Het Europaplein bestond al in de jaren-1930 op de gemeentelijke tekentafels, maar vermoedelijk als gevolg van eerst de Tweede Wereldoorlog en daarna de schaarste aan bouwmaterialen werd het pas aangelegd in 1953. In de vroegste opzet zou het plein weliswaar van grote maat zijn, maar een relatief kleinschalig karakter hebben door een inrichting met een half verhard, half groen karakter en door bescheiden omringende bebouwing, waarmee de vooroorlogse sfeer van de Harlingerstraatweg zou worden voortgezet. Na de Tweede Wereldoorlog werd, zo blijkt uit archiefstukken, eerst nog gedacht aan meergezinswoningen in vier bouwlagen, een eerste schaalvergrotende stap. Uiteindelijk lijkt nogal ad hoc, naar aanleiding van een concrete bouwaanvraag voor het perceel aan de zuidwestelijke pleinzijde tussen de Heliconweg en de Potgieterstraat, door Burgemeester en Wethouders te zijn besloten om het plein echte grandeur met hoogbouw te geven. In de bouwvergunning, afgegeven op 26 juli 1956, valt te lezen dat het “met het oog op de grote woningnood en de schaarste aan bouwrijpe gronden niet verantwoord is het bouwplan uit te stellen (…)” en “het naar hun mening uit stedebouwkundig oogpunt volkomen verantwoord is rond het ruim opgezette Harlingerplein flatgebouwen met 7 woonlagen boven een onderverdieping tot stand te brengen, aangezien de afmetingen van dit plein een hoog opgaande pleinwand wenselijk maken”. De bouwvergunning betrof een portiekflat, in opdracht van Bouw- en Aannemingsbedrijf Friesland ontworpen door de Leeuwarder architect G.A. Heldoorn, met 28 woningen en 18 garages, waarvan een zevental los op de achterzijde van het terrein. Flat A, zoals het in de ontwerptekeningen wordt genoemd, is verrezen in 1956-’57 en staat ook bekend als het flatgebouw van de Algemeene Friesche en Groot-Noordhollandsche, de Aegonflat, naar de grote lichtreclames die op het dak stonden, en de Phoenixflat. Het gebouw wordt gekenmerkt door een voor de bouwtijd karakteristieke, zakelijk-functionele bouwtrant. De bescherming geldt het exterieur en de portieken en trappen- en lifthuizen. Exterieur: Het voornamelijk in beton (betonskeletbouw) opgetrokken woongebouw staat met acht bouwlagen onder een plat dak. De symmetrische, op het Europaplein gerichte voorgevel is vrij transparant met grote vensterpartijen binnen een betonnen raster van stijlen en liggers. Alle vensters in het gebouw zijn recht gesloten en bevatten vernieuwde ramen boven de met mozaïeksteentjes verlevendigde borstweringen. Het gebouw is ‘klassiek’ opgebouwd met een tamelijk gesloten begane grond (plint), gevolgd door de reguliere woonverdiepingen en eindigend in een terugwijkende bovenste woonverdieping bij wijze van kroonlijst. De hoofdmassa is verticaal geleed door twee donkere stroken glas, waaronder zich de entreepartijen en waarachter zich de trappenhuizen bevinden, die de hoofdmassa als het ware in drie volumen opdelen. De twee entrees worden op de begane grond gemarkeerd door uitpandige ingangspartijen onder betonnen luifels en daarboven door doorlopende, terugstaande traplichten met hoge stalen ramen. De eveneens terug staande bovenste bouwlaag staat onder een opengewerkt betonnen overstek. De ten opzichte van de gevel daarboven iets terug staande onderste bouwlaag is aan de voorzijde bekleed met natuurstenen (leisteen) platen en wordt aan de bovenkant verlevendigd door kraagstenen, die ook als consoles fungeren. In deze bouwlaag zijn vierkante vensters met stalen ramen en deuren voor de bergingen opgenomen. In de twee middelste traveeën van de gevel staan voor de twee middelste van de vier woningen ondiepe balkons met stalen balustrades. Het gebouw telt per bouwlaag vier woningen. Per bouwlaag verschuiven de balkons beurtelings een travee naar links of naar rechts. De balkons van de buitenste woningen bevinden zich in de terug staande buitenste travee van de kopgevels aan de Potgieterstraat en de Heliconstraat. De kopgevels bestaan verder uit een risalerende en iets hoger opgaande, vrij gesloten gevelpartij met één venster per bouwlaag. De noordoostelijke kopgevel heeft nog de originele bekleding van wit geschilderde betonplaten. De blauw gekleurde bekleding van de zuidwestelijke kopgevel is vernieuwd. De achtergevel is eveneens symmetrisch ingedeeld en is voornamelijk opgetrokken in beton, glas en schone, gele baksteen tussen een raster van betonnen liggers en staanders. De over de gehele breedte van de achtergevel staande, ondiepe uitbouw op de begane grond is van rode baksteen. Deze uitbouw staat onder plat dak en bevat 11 garageboxen. De boxen zijn voorzien van kanteldeuren met driedelige bovenlichten. De woningen daarboven zijn voorzien van loggiabalkons, die voor een deel worden afgeschermd door een raam en ijzeren balustradehekken bezitten. In de loggia’s bevinden zich een met een venster gecombineerde deur, een kleiner (keuken)venster en een deur voor een berging. In het midden van het gebouw zijn de loggia’s van elkaar gescheiden door een brede, gemetselde penant die ook de functie van afvoerkanaal heeft. Hier risaleren de balkonhekken en vormen daar een driehoek. De brede vensters van de woonkamers liggen naast elkaar en worden van elkaar gescheiden door betonnen staanders. Op het achterterrein staat een rechthoekig volume met één bouwlaag onder plat dak en met inrijdeuren onder bovenlicht. Dit gebouw bevat nog eens 7 garages. Interieur: De uitpandige entrees vormen de toegang naar een hal, waarin stalen liftdeuren en het trappenhuis is opgenomen. Naast de liftdeuren op de begane grond wordt deze hal verlevendigd met mozaïeken met strand, watersport, schaatssport en natuur en landschap als thema. Twee ronde kolommen in de hal zijn bekleed met mozaïeksteentjes. De vloer van de hal is betegeld, evenals de vrij in de ruimte staande tussenbordessen van de trap. Deze betonnen trappen zijn steektrappen, die zijn voorzien van stalen leuningen en treden en stootborden van gepolijste steen. In de woningen liggen alle vertrekken aan een centrale hal. De woonkamer was oorspronkelijk een kamer en suite met schuifdeuren. In een aantal woningen is de oorspronkelijke ruimte-indeling bewaard gebleven.
| Functie | Hoofdcategorie | Subcategorie | Functietype | Is hoofdfunctie |
|---|---|---|---|---|
| Flatgebouw | – | – | Oorspronkelijke functie | – |
| Woonfunctie | Woningen en woningbouwcomplexen | – | Huidige functie | – |
| Straat | Getal | Achtervoegsel | Postcode | Plaats | Locatie | Situatie | Is hoofdadres |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Europaplein | 9 | – | 8914AA | – | – | – | – |
Inleiding
Inleiding
Inleiding