Urks oudste scheepswerf is die van gebroeders Roos ('De Roossies'). Hier werden houten botters gebouwd. Rond 1840 werd bij deze werf een houten loods gebouwd, die later in de volksmond ‘de Boet’ zou gaan heten (naar de plaats waar de as uit de stookkachels werd ingezameld). De loods was een verdiepingsloos pand, opgebouwd uit gepotdekselde delen onder een met pannen belegd schilddak.
In de loop der jaren is de voorgevel van de loods versteend en verstevigd met twee steunberen. In de loods zijn twee zelfdragende verdiepingen aangebracht, gemaakt van houten delen en masten van de botters die er ooit gebouwd waren. Het is onduidelijk wanneer dit exact gebeurd is.
In de jaren ’50 is de kap van de loods gewijzigd in een zadeldak en zijn de pannen vervangen door cementgebonden golfplaten. In de jaren ’70 zijn de overige gevels van binnenuit versteend en heeft de voorgevel de vensters met roedeverdeling en luiken en de entree gekregen.
Het pand is opgetrokken vanuit een rechthoekige plattegrond, tegen een helling en onder een met cementgebonden golfplaten belegd zadeldak.
De voorgevel is gemetseld en voorzien van witgeschilderd pleisterwerk met zwart geschilderde plint. De andere gevels zijn betimmerd.
Het is van belang vanwege deze waarden:
- De voormalige functie; het laatste overblijfsel van de oudste Urker botterwerf
- De markante ligging aan de haven
- De zeer eenvoudige en utilitaire bouwstijl en bijbehorend materiaalgebruik
- De leesbaarheid van de bouwgeschiedenis