Verbeteren binnenmilieu
Om een oud gebouw te laten voldoen aan uw wensen en eisen als moderne gebruiker zullen er (bouwkundige) ingrepen nodig zijn. Luchtkwaliteit, thermisch comfort, geluidhinder en lichttoetreding spelen dan een belangrijke rol.
Een goed binnenmilieu is nodig om gezond en prettig in een pand te verblijven. Onder het binnenmilieu vallen de luchtkwaliteit, temperatuur, geluid, licht en straling. Goede ventilatie, zon- en geluidwerende voorzieningen zijn belangrijk. Van te hoge concentraties CO2 of andere stoffen, zoals allergenen en ziektekiemen, kunt u gezondheidsklachten als hoofdpijn, vermoeidheid, irritatie van de luchtwegen en allergische reacties krijgen. Ook geluidsoverlast, een te lage of hoge temperatuur kunnen leiden tot klachten.
Welke mogelijkheden heeft u om het binnenmilieu van monumenten te verbeteren zonder de monumentale waarden van het gebouw aan te tasten? Het antwoord op deze vraag is niet makkelijk. Het vereist vaak maatwerkoplossingen op basis van onderzoek en advies.
Denkt u aan de ventilatie
Ventileren is van groot belang voor uw gezondheid en ventilatie is nodig om prettig te kunnen functioneren in een pand. Welke vorm van ventilatie (natuurlijk, mechanisch, gebalanceerd systeem) het meest geschikt is, is afhankelijk van het gebouw en het gebruik. Bij natuurlijk ventilatie kunt u denken aan het ventileren door middel van een klepraam of een rooster, het liefst op een minimale hoogte van 1,80 meter. Het meest effect hebben twee ramen die tegenover elkaar open gezet worden. In de praktijk is het bij monumenten vaak moeilijk om voldoende verse lucht de ruimte in te laten stromen. Een mechanisch systeem kan dan een oplossing bieden. Een mechanisch afzuigsysteem zuigt lucht uit uw woning met een speciale ventilator. Op de ventilator zijn luchtkanalen aangesloten waardoor lucht wordt afgevoerd. Maar ook andere, creatieve oplossingen kunnen worden onderzocht, zoals het gebruik van bestaande schoorstenen of muur- en vloerroosters voor de (natuurlijke) aan- of afvoer van verse lucht.
Ventileren is niet alleen goed voor u, maar ook voor het behoud van het gebouw. Over het algemeen hebben historische gebouwen meer ventilatie nodig dan nieuwe gebouwen. Een bepaalde mate van luchtlekkage via kieren en spleten is gunstig. Er zijn talloze voorbeelden van gebouwen waarvan de monumentale waarden zijn aangetast als gevolg van ondoordachte (isolatie)maatregelen. Gelukkig bestaan er ook slimme (reversibele) maatregelen. Voorbeelden hiervan zijn achterzetpuien of doos-in-doos constructies, waarbij er tussen de monumentale gevel en de nieuwe gevel een tussenklimaat wordt gecreëerd. Daarmee kan er voor u een comfortabele temperatuur worden bereikt, terwijl het tussenklimaat de beste condities levert voor het behoud van de monumentale schil.
Let op de luchtkwaliteit
De luchtkwaliteit in oude gebouwen laat nogal eens te wensen over. Wanneer weet je of er sprake is van een slechte luchtkwaliteit? Je merkt direct als het te warm is, er onvoldoende licht naar binnen komt of teveel geluid, maar dat geldt niet voor een te hoge concentratie CO2. Daarvoor is een CO2-meting nodig. De hoeveelheid CO2 in de lucht is ook een indicatie van de aanwezigheid van andere stoffen aan, zoals geurstoffen, ziektekiemen en allergenen.
Denkt u dat de luchtkwaliteit in uw pand te wensen over laat, laat het dan testen.

Hoe creëert u een comfortabele binnentemperatuur
Gaat u het binnenklimaat, de behaaglijkheid in uw monumentale pand verbeteren dan is het belangrijk rekening te houden met het gebouw. Wisseling van temperatuur heeft over het algemeen weinig invloed op de staat van het gebouw. De luchtvochtigheid die met de temperatuur samenhangt des te meer. Een stijging van de temperatuur geeft een daling van de luchtvochtigheid waardoor scheuren kunnen ontstaan in de constructie- en afwerkingmaterialen. Ook bestaat de kans op vochtschade door condensatie. In delen van het gebouw kan de luchtvochtigheid stijgen door verwarming elders in het gebouw. Dat kan leiden tot condensatie in de relatief koude gebouwdelen. Condensatie geeft vaak schade.
Verwarming is nodig om de bouwmassa van het pand droog te houden. Hoewel een oud gebouw niet gebaat is bij flink stoken, zijn ook lage temperaturen (<10 graden celsius) ongunstig. Voor historische panden, zeker die met een zware steenconstructie en veel houtwerk, is het beter om gelijkmatig te verwarmen. Denk daarbij aan vloerverwarming.
Welk verwarmingssysteem geschikt is voor uw monument is niet op voorhand te zeggen. Het maakt nogal wat uit of u te maken heeft met een eeuwenoud gebouw van baksteen dat is voorzien van veel houtwerk, of een monument met een betonskelet. Daarnaast hangt het af van het gebruik. In panden waarbij de verblijfsruimten slechts af en toe worden gebruikt, ligt lokaal verwarmen meer voor de hand dan centrale verwarming.
Er is geen standaard oplossing voor het verbeteren van het binnenmilieu in monumenten. Maatregelen die nodig zijn om een binnenmilieu te realiseren dat gezond en behaaglijk is voor u en dat recht doet aan het gebouw zullen altijd maatwerk zijn. Gedegen onderzoek en advies zijn nodig om een maatwerk oplossing te kunnen bieden.