U bent hier

Rijksmonument in Meppel: ‘Doe het sloop- en denkwerk zelf.’

Jan Willem van Kasteel woont met zijn gezin in een rijksmonument in Meppel. Mede dankzij zijn ervaring als adviseur onderwijshuisvesting kon hij de restauratie van zijn pand grondig aanpakken en weet hij 'Olympische offerteschrijvers' bij te sturen.

Binnen waren er bijzondere elementen.

‘Toen dit pand op de markt kwam, hebben we meteen een bod gedaan. Wij vonden het prachtig: de voorzijde heeft een mooie uitstraling en binnen waren er bijzondere elementen, zoals de ornamenten aan de plafonds, de marmeren schouwen, de luiken en de vensterbanken. Een ruim huis met ook nog eens een gigantische tuin en dat in de stad. De rente was laag, dus we zouden het kunnen kopen zonder dat onze hypotheeklasten zouden stijgen. De energierekening zou echter wel omhoog gaan, isoleren namen we dus meteen in onze plannen mee.’

Door de Monumentenwacht kregen we inzicht in de bouwkundige kwaliteit.

Zwakke plekken

‘In mei 2015 deden we een bod. Toen het na een half jaar nog niet verkocht was, belde de makelaar ons en waren we het vrij snel eens. De eigenaar gaf ons de gelegenheid om het huis nog voor de koop veelvuldig te bezoeken met allerlei adviseurs. We liepen er met de Monumentenwacht Drenthe doorheen. Dat heeft ons zeer geholpen. Zo kregen we inzicht in de bouwkundige kwaliteit. We wisten nu waar de zwakke plekken zaten in het pand, dus waar we zeker iets aan moesten doen. Daardoor konden we een goede begroting maken en verantwoord kopen. Voor de financiering kwamen we bij het Restauratiefonds terecht. Daar hadden we een goede klik mee. Het is heel erg fijn om te merken dat de financier ook vertrouwen heeft in wat je doet met een pand. Zij hebben ons ook op weg geholpen met de fiscale mogelijkheden bij Rijksmonumenten.’

Met de welstandscommissie nog voor de koop door het huis.

Wooncomfort

‘Ook met de welstandsadviseur van de Gemeente Meppel gingen we nog voor de koop door het huis en legden onze plannen voor. Alles wat er in dit pand zat aan authentieke elementen wilden we behouden, maar het moest ook eigentijds ingericht om meer wooncomfort te realiseren en daarmee de levensduur van het pand verlengen. Op de begane grond wilden we een ruime leefkeuken en een grote woonkamer creëren. Dat betekende een flinke ingreep in de constructie. Een kleine tussenruimte, destijds bedoeld voor de bedienden, moest eruit gesloopt. Dat deze ruimte er was, is nog steeds zichtbaar. Ook voor het beperken van het energiegebruik waren er maatregelen nodig.’

Archiefonderzoek om aan de gemeente duidelijk te maken dat we serieus aan de slag gingen.

Archief

‘Ik ben meteen op zoek gegaan naar archiefmateriaal over dit pand. Helaas is een deel van het archief verloren gegaan. Er waren alleen nog wat bouwtekeningen van na 1951. Toen ben ik bij het Kadaster verder gaan zoeken, zo kreeg ik in ieder geval gegevens van de eerdere bewoners van dit pand boven water en daarmee ook een stuk van de geschiedenis. Het huis werd eind negentiende eeuw gebouwd in opdracht van de weduwe van een notaris. Er woonden hier later een aantal artsen en er is een administratiekantoor in gevestigd geweest. Dit onderzoek was allereerst interessant om te doen, wij zijn door deze achtergrondkennis het huis nog meer gaan waarderen. Maar ik deed het onderzoek ook om aan de gemeente duidelijk te maken dat we serieus met dit pand aan de slag gingen. Nu wonen wij hier als gezin en voegen wij weer een stukje geschiedenis aan dit pand toe.’ 

Er kwam een prachtige spantenkap tevoorschijn.

Spantenkap

‘In de jaren vijftig woonde hier een kinderarts met zijn gezin. Ik heb een dochter daarvan over haar jeugd hier laten vertellen. Vier kinderen, een assistente en een dienstmeid moesten allemaal een eigen kamer en daarom waren er op zolder allemaal kamertjes gebouwd. Het was daar enorm hokkerig geworden. Daar zat geen enkele monumentale waarde in, dus we hebben alles weggesloopt. Toen alles kaal was op zolder, kwam een prachtige spantenkap tevoorschijn. Een soort omgekeerd schip. Tussen de spanten hebben we isolatie aangebracht. De zolder is nu een mooie, open ruimte waar de spanten eruit knallen.’

Bij isoleren hoort ventileren.

Energie

‘Om het energieverbruik te beperken, hebben we bekeken waar het besparingspotentieel zat. We hebben het huis en het dak zoveel mogelijk van binnenuit geïsoleerd. Daarbij hebben we ook gedacht aan de ventilatie. Daarover heb ik advies gevraagd in mijn netwerk. Het is belangrijk om je voldoende in de bouwfysica te verdiepen. Als je alleen maar isoleert en niet nadenkt over ventileren creëer je elders in je pand problemen. We moesten beneden wel het enkelglas houden, dat is energetisch gezien niet ideaal, maar de luiken compenseren dat enigszins. We hebben ook flink geïnvesteerd in een domotica systeem. Verlichting, beveiliging en verwarming kan ik digitaal aansturen. Nu kunnen we wat dat betreft veertig jaar vooruit.’

Doe het sloop- en het denkwerk zelf.

Bouwkundige kennis

‘Ik ben huisvestingsadviseur; ik begeleiddus geregeld nieuwbouw- en renovatieprojecten. Die werkervaring heeft mij bij ons eigen pand enorm geholpen. Ik heb me daarnaast verdiept in monumentale vraagstukken; ik heb veel aanvullende bouwkundige kennis opgedaan. Daardoor kon ik met deskundigen goed in discussie gaan. Mijn stelling is: doe het sloop- en het denkwerk zelf en laat de makers vooral het maakwerk doen. Inmiddels zijn er in de straat een aantal eigenaren die ik weer help met mijn ervaring.’

Er valt veel te besparen.

Olympische offerteschrijvers

‘Het is belangrijk om aan alle bedrijven die je over de vloer krijgt duidelijk te maken hoe je in dit plan staat. Als je zo’n groot pand koopt, veranderen de mensen die voor je aan het werk moeten als vanzelf in olympische offerteschrijvers. Je kan je geld heel goed kwijt. Als je duidelijk maakt dat je veel zelf wilt doen en dat je pragmatische keuzes maakt, dan valt er veel te besparen. Belangrijk is daarbij dat je je steeds afvraagt: is dit echt nodig? Waarom wilde ik dit ook al weer? Bij zo’n groot pand loop je het risico dat je door de bomen het bos niet meer ziet. Het heeft voor mij goed gewerkt om alles klein te maken. Ik werkte niet per ruimte, maar per onderdeel. Dus: schilderwerk, elektra, verwarming, et cetera. Dat heeft mij geholpen om overzicht te houden: het geeft structuur aan het werk en daarmee kan je ook aannemers en installateurs sturen.’

Dit is de droom van iedere Monumentenwachter.

Nulmeting

Monumentenwachter Ronald Nijmeijer van Monumentenwacht Drenthe was betrokken bij de nulmeting die Jan Willem van Kasteel liet maken: ‘Toen we er onlangs weer kwamen bleken vrijwel alle actiepunten uit ons rapport al uitgevoerd te zijn! Meestal gebeurt dat in etappes. Dit is echt de droom van iedere Monumentenwachter.’

Monumentenwacht

Monumentenwacht Drenthe biedt eigenaren van monumenten een helpende hand: met (periodiek) inspecteren en rapporteren én met klein (nood)herstel. De Monumentenwacht Drenthe is lid van de Vereniging van Provinciale Monumentenwachten Nederland.

Zie ook