U bent hier

‘Dit pand bleef steeds maar in ons hoofd.’

Jan Hein Sloesen is de trotse eigenaar van de Wijnaesbooch, een rijksmonumentaal pand aan de markt in Geertruidenberg.

Geertruidenberg heeft een rijke, ruim 800-jarige, geschiedenis.  Het was een belangrijke plaats in het graafschap Holland, vanwege de strategische ligging. De Markt is een toeristische trekpleister, omdat daar nog veel prachtige monumentale panden staan. Zo ook het pand van Jan Hein Sloesen. ‘Het huis zoals het er nu staat, is het derde huis op deze plek. Het eerste huis was een houten huis. Nu is het een combinatie van hout en steen. Oorspronkelijk was het een kanunnikenwoning. De bewoners konden via de kelder zo naar de kerk, die hierachter ligt. Meer woningen hier hebben zo’n onderdoorgang en die kelders zijn er nog allemaal. Onze boogkelder stamt uit 1432. Het is de plek in ons huis waar we heel vaak zijn. We hebben er onze keuken.’

Dit is wel mijn huis, maar het kan niet.

Zoektocht

‘Wij woonden in Oosterhout toen we besloten op zoek te gaan naar een monument. Mijn zus had ook een historisch pand en van haar ervaringen had ik wel geleerd dat we iets moesten zoeken, dat in de basis al goed gerestaureerd was, zodat we er niet al te veel tijd in hoefden te steken. In de grote steden betaal je voor dat soort panden een hoge prijs, dus zo kwamen we met onze zoektocht in Geertruidenberg terecht. Toen we dit pand bekeken, dacht ik: ‘Dit is wel mijn huis, maar het kan niet.' Het was in zeer slechte staat op dat moment. Anderen hebben het pand vervolgens gekocht en gerestaureerd.’

We waren muisstil.

Herkansing

‘Het pand bleef steeds maar in ons hoofd. In 2007 kwam het opeens weer op de markt, dus zijn we opnieuw gaan kijken. Toen we in de boogkelder kwamen, vielen we helemaal stil. De makelaar dacht dat we het niet mooi vonden, maar we waren muisstil omdat we zo onder de indruk waren! Vooral vanwege het feit dat zoveel materialen hergebruikt waren op een mooie manier. Maar…het pand bleek nu veel te duur voor ons! Weer moesten we dit pand aan ons voorbij laten gaan. In 2008 werden we gebeld door de eigenaar met de vraag of we nog steeds interesse hadden. We ontdekten dat er nog een Restauratiefonds-hypotheek op het pand zat, dat scheelde aanmerkelijk in de kosten. En zo kwam, na diverse mislukte pogingen, het pand uiteindelijk in ons bezit.’

De waterput in onze kelder is nu een minimuseum.

Minimuseum

‘De vader van de vorige eigenaar was restaurateur. Hij wist van alles over het pand en hij heeft er mede voor gezorgd dat veel vondsten bewaard zijn gebleven. Zo was voor de restauratie van de boogkelder de vloer afgegraven. Toen stuitten ze op een vuilwaterput, die vol bleek te zitten met historische relikwieën, zoals aardewerken pijpjes en zelfs een kanonskogel. Die waterput is nu afgedicht met een glazen deksel en is in onze kelder nu een soort minimuseum. We hebben alles wat daarin staat apart laten beschrijven bij de notaris. Daar hebben we de voorwaarde vastgelegd dat alles bij elkaar moet blijven. Als toekomstige eigenaren er toch vanaf willen, dan zijn ze verplicht om het naar een museum te brengen. ‘

Herbestemmen lijkt bij dit pand te horen.

Bestemming

‘Er hebben in al die eeuwen hier maar ongeveer tien families gewoond. Zij woonden hier voor het leven. Het huis had in de loop der tijd verschillende functies, van bakkerij met winkel, tot postkantoor, sigarenmakerij en pianohandel. Herbestemmen lijkt bij dit pand te horen. Het was in die tijd soms gekoppeld aan het achterhuis, maar het waren soms ook twee aparte woonhuizen. De verbinding is er nog steeds. In de kast in de woonkamer bevindt zich een nisje, daar kan je doorheen naar het achterhuis.’

Je ziet in dit kunstwerk verschillende tijdlagen.

Tijdlagen

‘Als je restaureert dan herstel je veel van wat er was, maar je voegt er ook iets aan toe uit deze tijd. Dat is ook terug te zien op een schilderij hier in huis: daarop zie je bewoners van rond 1500 in het interieur van 2006 zitten. Je ziet in dit kunstwerk de verschillende tijdlagen, die nu eenmaal bij zo’n pand horen, terug. Dit schilderij is gemaakt in opdracht van de vorige eigenaren en het hoort bij het pand.’

Geertruidenberg

Wij willen graag een monument redden.

Weer op zoek

‘Hoewel dit pand ons past als een jas, zijn we toch toe aan een nieuwe stap. Het pand staat nu weer te koop. Het bezit van de zaak is het einde van het vermaak, dat geldt wel een beetje voor ons. Daarom zijn wij nu op zoek naar een nieuw project. Wij willen graag een monument redden. Wij willen, eventueel samen met anderen, iets zoeken dat niet in goede conditie is. Dat durven we nu wel aan. Het kan een historisch herenhuis zijn, maar ook een kerkje of een loft. We weten inmiddels dat het loont om een monument goed te onderhouden. We hebben daarom een abonnement op de Monumentenwacht. Zij geven in een vroeg stadium aan waar onderhoud nodig is. Als je er op tijd bij bent, zijn de kosten vaak nog wel te overzien. Die ervaring nemen we mee naar een volgend pand.’

Zie ook