Planvorming

Afhankelijk van de omvang en de bouworganisatievorm kan in deze fase ook al een aannemer worden betrokken. Bij onderhoud en bij kleinere klussen (denk aan het vernieuwen van voegwerk of een dakgoot) maakt de eigenaar vaak samen met de (gespecialiseerde) aannemer het plan. Wanneer er in bouwteamverband of design & construct wordt gewerkt zit de aannemer ook al aan tafel in deze fase. In het geval van klein/eenvoudig onderhoud is er waarschijnlijk geen architect ingeschakeld. Dan is er slechts een werkomschrijving nodig. In dit plan worden de uit te voeren werkzaamheden beschreven. Op basis van deze omschrijving kan de aannemer een offerte opstellen. Hieronder staan de stappen in het geval van een uitgebreid (ontwerp)traject zoals bij een verbouwing of restauratie.

Voorlopig ontwerp (VO)

De architect maakt een voorlopig ontwerp naar aanleiding van gesprekken waarin u als eigenaar uw wensen heeft toegelicht. Het is de taak van de adviseur of architect om kritisch en met een open blik te kijken naar de mogelijkheden die het pand biedt.

Vooroverleg met de gemeente

Bij meer complexe projecten is het mogelijk om meerdere keren vooroverleg te voeren. Eerst aan het begin van het traject (zie stap 3) en vervolgens als het voorlopig ontwerp gereed is. U kunt het plan voorleggen aan de gemeente. Die geeft aan of overleg met de plaatselijke monumentencommissie en/of de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed nodig is en coördineert dit. Vaak wordt hiervoor het onder stap 3 genoemde bouwplanoverleg bij het provinciale steunpunt benut. Op deze manier kunt u het plan toetsen en voorkomen dat u, wanneer u een omgevingsvergunning aanvraagt, niet voor vervelende verrassingen komt te staan.

Definitief ontwerp (DO)

Aan de hand van uw wensen en eventueel het vooroverleg met de gemeente wordt het voorlopig ontwerp bijgesteld en uitgewerkt tot een definitief ontwerp. Wanneer dat gereed is, kan er een omgevingsvergunning worden aangevraagd. Lees daarover meer in stap 6.

Bestek of werkomschrijving

Als de gemeente aan de hand van de vergunningaanvraag nog opmerkingen heeft, kan het plan nog aangepast worden. Vervolgens kan het definitief ontwerp worden uitgewerkt tot een bestek. Dit is een uitgebreid document waarin het definitief ontwerp op detailniveau is uitgewerkt. Met deze bestekstukken weet de aannemer of uitvoerder precies wat de bedoeling is en op deze stukken kan hij zijn/haar offerte baseren. Maar dat is niet alles: in het bestek of de werkomschrijving moet namelijk een goede uitvoeringskwaliteit worden verankerd door de uit te voeren werkzaamheden eenduidig en gedetailleerd te omschrijven. Bijvoorbeeld door de Uitvoeringsrichtlijnen Restauratiekwaliteit van Stichting ERM op te nemen. Deze richtlijnen gaan in op specifieke werkzaamheden aan monumentale gebouwen. Zo kunnen restauratiebestekken worden verbeterd en misverstanden bij prijsvorming en uitvoering worden voorkomen.

STABU-bestek

STABU is en systematiek om opdrachten en werkzaamheden te beschrijven. Deze systematiek wordt vooral gebruikt in grotere opgaven, minder voor de kleine (onderhouds)werkzaamheden. In de STABU-systematiek zijn de Uitvoeringsrichtlijnen Restauratiekwaliteit van Stichting ERM opgenomen.